Wat maakt vrouwen het meest aantrekkelijk?

Sociale media over je relatie
Waarom hebben sommigen een veel knappere partner
Geschatte tijd om tekst te lezen:6 minu(u)t(en)

Na 150 studies in de laatste 20 jaar lijkt de wetenschap eindelijk te weten wat een vrouw nu het meest aantrekkelijkmaakt. Alle borsten, billen en lange lokken ten spijt zou het de taille zijn die het meest in het oog springt. En de meest aantrekkelijke vrouwen hebben zelfs een exact aantal centimeter taille, namelijk eentje van 67.

Over wat nu de ideale vrouwelijke figuur is wordt in de wetenschap al langer gedebateerd, maar Dr. William Lassek van de University of Pittsburgh en professor Steven Gaulin van de University of California menen het antwoord op de vraag te hebben gevonden. Volgens hen is het de taille van de vrouw die haar al dan niet sexy maakt en idealiter zou die 67 centimeter bedragen. “Het lijkt erop dat de aantrekkelijkheid stijgt als de omtrek van de taille afneemt, maar de heupen mogen niet parallel mee dunner worden”, laten de onderzoekers weten.

Om tot die conclusie te komen werden zowel vrouwelijke als mannelijke universiteitsstudenten foto’s voorgelegd van Playboymodellen en andere universiteitsstudenten. De cijfers van aantrekkelijkheid die ze aan de foto gaven, werden vervolgens naast het cijfermateriaal van het lichaam van de persoon op de foto gelegd. En wat bleek, hoe smaller de taille hoe aantrekkelijker de vrouw werd bevonden.

Bekende levende vrouwen met een wespentaille van 67 centimeter zijn Beyoncé en Kim Kardashian. Uit het onderzoek bleek ook dat de gemiddelde universiteitsstudente die aan het onderzoek meedeed een taille heeft van 74 centimeter.

Universele schoonheid bestaat niet zeggen bepaalde onderzoekers. Tussen verschillende culturen is geen echte overeenkomst over de aspecten die van belang zijn bij de bepaling van schoonheid, tenzij dat dikte in bijna alle culturen behalve onze eigen huidige cultuur  een vorm van mooi zijn is, en dan vooral bij vrouwen. (Fallon, 1990). Schoonheid kan niet objectief gemeten worden : het is steeds het resultaat van de beoordeling door anderen.  Maar Hatfield & Sprecher (1986) legden de silhouetten van een mannen- en een vrouwenfiguur voor aan mannelijke en vrouwelijke beoordelaars. In de silhouetten konden afzonderlijke onderdelen in grootte gewijzigd en ten opzichte van elkaar verschoven worden, zoals borsten, billen, schouders, tailles en benen. Wat het merendeel van de mannen als vrouwelijk silhouet prefereerde was er een met behoorlijk grote borsten, gemiddelde of kleine billen en middellange benen. De vrouwen prefereerden vooral het type man met brede schouders, een gemiddelde taille en slanke benen.   Er blijkt toch wel,  schrijft Etcoff (1999) dat mensen uit dezelfde cultuur het in hoge mate onderling eens zijn over wie mooi is en wie niet.  In 1960 drukte een Londense krant portretfoto’s van twaalf jonge vrouwen af en vroeg zijn lezers deze vrouwen op hun aantrekkelijkheid te beoordelen.  Er kwamen meer dan vierduizend reacties uit heel Groot-Brittannië binnen.  De inzenders waren afkomstig uit alle lagen van de bevolking en tussen 8 en 80 jaar. De groep was zeer consistent in zijn beoordeling en duidde unaniem dezelfde personen als aantrekkelijk aan.  In een gelijkaardig onderzoek in de VS kwam men tot dezelfde consistente gegevens.  Mensen zijn er stellig van overtuigd dat schoonheid een subjectief begrip is en vervolgens pennen ze vrijwel dezelfde beoordelingen van schoonheid neer .

 

Bij beoordelingen van de fysieke aantrekkelijkheid van vrouwen komt vanuit de recente literatuur de verhouding taille-heupen het meest naar voor, in het Engels meestal ‘waist to hip’-ratio(WHR) genoemd. Ideale vrouwen zouden een score moeten hebben tussen 0,67-0,80. .  Vrouwen met een lage WHR werden door mannen meer attractief bevonden. In een onderzoek van Singh (1993) werd aan mannelijke en vrouwelijke hogeschoolstudenten tussen 18-22 jaar  gevraagd om de attractiviteit van vrouwenfiguren te beoordelen. De figuur met lage WHR (minder dan 0,7)en symmetrische borsten werd als meest aantrekkelijk gekozen. Maar beide elementen bleken belangrijk te zijn, dus ook de symmetrische borsten.

In een studie onderzocht Singh de maten van Playboys centerfolds en Miss America winnaressen van 1923 tot 1990. Hun lichamen werden alsmaar slanker over al de jaren heen, maar hun WHR-ratio bleef steeds in de buurt van 0,68 tot 0,72. Het meest bekende superslanke model Twiggy, bleek nog een WHR te hebben 0,73.  In een Engelse stad werden een reeks levensgrote vrouwelijke silhouetten uitgezaagd en in een druk bezocht winkelcentrum opgehangen. Aan de voorbijgangers werd gevraagd welke heup-tailleverhouding ze het aantrekkelijkst vonden.

In dit experiment was een opvallende overeenstemming : de magische verhouding was 0,7. Een ‘geblokt’ lichaamsmodel werd als minder aantrekkelijk beschouwd dan een gematigd zandlopermodel.  Onrechtstreeks kan je dit feit koppelen aan vruchtbaarheid. Dit resultaat is niet vreemd stelt Morris (1997). Men heeft ontdekt dat vrouwen bij wie het contrast tussen heup en taille klein was, minder kans hadden op bevruchting in een vruchtbaarheidskliniek.

De kans op bevruchting daalde met 30% als het contrast 10 % minder was. Een vrouw met de verhouding 0,9 had een derde minder kans op bevruchting dan een vrouw met de verhouding 0,8. Dat maakt het begrijpelijker stelt Morris, dat mannen vanuit hun onderbewustzijn sterker reageren op een zandloperfiguur dan op een recht figuur. En dan begrijp je ook waarom het contrast het grootst is op de leeftijd dat de vrouw het meest geschikt is om te beginnen met de voortplanting.

De aantrekkingskracht van vrouwen wordt voornamelijk opgewekt door uiterlijke kenmerken die op subtiele of minder subtiele wijze blijk geven van reproductieve vermogens aldus Morris (1997). De data zijn hard en dus ook de werkelijkheid. Neem bijvoorbeeld de billen, het aandachtspunt van menige zomeroutfit. Vrouwelijke billen hebben meer vet dan mannelijke en dan nuttig is. Daarbij zijn ze zo gevormd dat ze bij het lopen onvermijdelijk een aandacht trekkende, wiegende beweging maken.

Mensen zijn niet uniek in hun fixatie op dit lichaamsdeel. Integendeel, bij veel apensoorten functioneert het achterwerk als het uithangbord waarop voor mannetjes in de vorm van kleuren en zwellingen duidelijk aangegeven wordt waar in de menstruele cyclus het vrouwtje zich bevindt. Toen de mens zich verhief werd het praktischer de geslachtsdaad van voren dan van achteren te plegen en voor de homo erectus verloren de billen hun prominente positie, duidelijk zichtbaar, wiegend in de lucht.

De ronde billen ontwikkelden zich , door de beter ontwikkelde spieren om rechtop te blijven staan. Deze ronde billen werden het voornaamste vrouwelijke seksuele signaal. Maar van voren waren de billen niet zichtbaar, waardoor het vooraanzicht van de vrouw niet prikkelend was. Dit werd opgelost door de ontwikkeling van de vrouwenborsten tot namaakbillen, schrijft Morris.  De anatomie van de borsten ondersteunt deze theorie.  Twee derde deel wordt gevormd door vetweefsel, slechts een derde speelt een rol bij de melkproductie.

De theorie van Desmond Morris  is bijgevolg dat de borsten de rol als sekssignaal gedeeltelijk hebben overgenomen en dat zij zich hebben gevormd naar de voorkeur die mannen inmiddels ontwikkeld hadden voor de billen. Er valt wat voor te zeggen: als enig staand zoogdier hebben we als enige stevige ronde borsten in plaats van de slappe, langwerpige en veel handigere tepels van andere zoogdieren.  Bovendien zwelt  het gebied om de tepel pas op bij zwangerschap bij de laatsten; bij vrouwen blijven de borsten gedurende de hele periode van jonge volwassenheid vooruitstekend en flink van vorm, ongeacht hun moederlijke functie.

Borsten zijn dan ook geen louter moederlijke doch wel een seksuele ontwikkeling, oppert Morris. De evolutionaire charme-operatie van de vrouw kent ook een tweede belangrijk aspect: daar zowel vrouwen als kinderen bescherming genieten, zal de evolutie bij vrouwen zowel een vrouwelijke als een kinderlijke signalisatie versterken. Zo stipt Konrad Lorenz de ronde en rozerode wangen,  de grote, blauwe ogen met lange, gekrulde wimpers, de rode kinderzuigmond, het blonde haar en de zachte, donzige huid aan: dit zijn allemaal eigenschappen die vrouwen kinderlijker maken en dus (meestal) aantrekkelijker, omdat de evolutie ‘bescherming vragen’ en ‘ontwapening, positieve houding, aantrekking’ heeft geassocieerd.

Een andere indicator die recent meer opgang maakt is de BMI (Body Mass Index). Het doet er niet toe of je 50 of 80 kg weegt, feit is dat de ideale verhouding tussen lengte en gewicht meer bepalend is.

Cultureel variabele slankheidsidealen kun je verklaren doordat in tijden van schaarste een hogere bodymassindex interessant is, terwijl het in tijden van overvloed net een teken van gezondheid is om te kunnen weerstaan aan de overdaad aan voedsel. Het schoonheidsideaal in Rubens’ tijd was eerder voluptueus, terwijl het vandaag slank is.

Jeugd, taille-heupverhoudingen en bodymass-index zijn uiteindelijk gezondheidsindicatoren en vruchtbaarheidsindicatoren, net zoals weelderig en glanzend haar, een ongeschonden huid, een sterk en wit gebit… Men neemt bijgevolg aan dat dit vruchtbaarheidselement zeer bepalend is omtrent wat mannen aantrekkelijk vinden bij vrouwen.

Verder willen mannen vrouwen die eruit zien als vrouwen. Ze willen geen mannelijke vrouwen, daar zijn ze zelf namelijk man genoeg voor.

Niet alleen willen mannen een vrouw die zich vrouwelijk gedraagt, maar ook een vrouw die er vrouwelijk uitziet. Onderzoek wijst uit dat mannen vrouwen met lang haar als genetisch betere partners inschatten dan vrouwen met kort(er) haar.

Bronnen

http://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20160503_02271533

Gielen, G. Onaantrekkelijk. Antwerpen: Garant uitgeverij. 2003

© De copyrights van de hier weergegeven tekst(en)/foto's rusten bij de oorspronkelijke auteur(s). Geen overname tenzij met toestemming van de oorspronkelijke auteur(s). Vermelding op deze website is enkel om educatieve en/of wetenschappelijke redenen. Onderaan de informatie vindt u telkens zoveel mogelijk de originele bronnen voorzover ons bekend. Inden er auteursrechterlijke of privacyschendingen zijn, zijn die onvrijwillig door onbekendheid/onwetendheid en niet met opzet gebeurd. Mocht u het ongepast vinden dat uw eigen informatie/foto's/portretafbeeldingen op deze website worden vermeld of is er geen correcte bronvermelding naar uw informatie, contacteer dan gerardgielen@telenet.be met opgave van de betrokken schending van copyrights en de betrokken webpagina. De info zal dan zo snel mogelijk aangepast en/of verwijderd worden. We hopen op uw begrip bij een eventuele schending.

© This site is non commercial, only educational. All information is copyrighted from the original authors. If you find information or pictures on this site that are copyright to you, or that present you or relatives on the pictures and we have used them by accident without legal permission, please contact us immediately about the violation with link to the picture or webpage where you found it and the text or pictures will be removed asap. Contact gerardgielen@telenet.be in case. Thanks for your understanding for not respecting your privacy or copyrights by accident.

Ook interessant om te lezen!

Share