Hulpverlenen met je hele lichaam

Seks helpt je carrière
Bedrijven moeten zich voorbereiden op kantoorromances
meditate, meditation, peaceful

Pexels (CC0), Pixabay

Hulpverlening is lichamelijk. Als we spreken gebruiken we onze handen, tijdens een begeleiding geven we al eens schouderklopjes. Maar door situaties van misbruik worden hulpverleners voorzichtiger over lichamelijkheid, seksualiteitsbeleving en relaties bij cliënten.

Het Vlaams Welzijnsverbond reageert tegen deze verkrampte benadering van lichamelijkheid.

Koepelorganisatie Vlaams Welzijnsverbond heeft een kleine traditie om ethisch denken bij welzijnsvoorzieningen te stimuleren. Dat gebeurt onder meer via ethische adviezen. Zopas werd het advies over “Lichamelijk handelen in zorg- en ondersteuningsrelaties” voorgesteld. Dat wil vooral het positieve benadrukken en reageert tegen een verkrampte benadering van lichamelijkheid.

Ethiek is een reflectie op de realiteit. Ethiek heeft niets te maken met dictaten van bovenaf. Van gelijk welke instantie. Ethiek vertrekt van onderuit. Vaak vanuit het aanvoelen van basiswerkers dat er iets wringt.

Vanuit dit aanvoelen en de confrontatie met misbruiksituaties in voorzieningen werd al in 2004 een ethisch advies geformuleerd over ‘Omgaan met (vermoedens van) seksueel grensoverschrijdend gedrag’. Het benadrukt het belang om professionele grenzen te bewaken.

Dit advies kwam zeker op zijn tijd. De zaak-Dutroux had in 1996 onze samenleving dooreengeschud. We mochten niet meer dezelfde fouten maken. Zeker niet in de hulpverlening waar we een vertrouwensband hebben met kinderen, jongeren en andere kwetsbare mensen. Het advies kreeg toen de nodige weerklank en werd druk besproken.

Men zegt wel eens dat de geschiedenis zich herhaalt. Niemand blijkt immuun voor seksueel misbruik. Het misbruik door bisschop Vangheluwe in 2010 plaatste de katholieke kerk in het oog van de storm. Enkele jaren later bracht het grensoverschrijdend gedrag van psychiater Walter Vandereycken misbruik in therapeutische relaties onder de aandacht.

Tussendoor waren er nog zaken van misbruik of grensoverschrijdend gedrag die niet zoveel pers haalden. In sportclubs, onderwijs of jeugdbeweging en helaas ook in hulpverleningsvoorzieningen. Het is belangrijk om hiervoor aandacht te blijven vragen. De hulpverlening moet zich engageren om werk te maken van een preventiebeleid.

We kunnen er niet onderuit: ook vandaag is er nog grensoverschrijdend gedrag. De aandacht hiervoor mag niet leiden tot krampachtigheid. Situaties van seksueel misbruik in de hulpverlening kunnen immers leiden tot handelingsverlegenheid bij andere hulpverleners.

Begeleiders in de kinderopvang vragen zich af of ze nog een kind op schoot mogen nemen om te troosten. Men draagt opvoeders op om verzorgende taken steeds in duo op te nemen. Men onderzoekt of er geen bijkomende regels moeten komen rond snoezelen… Is het nog mogelijk om ongedwongen hulp te verlenen?

Geconfronteerd met deze realiteit beslisten we om een advies te maken dat het positieve van lichamelijkheid in de kijker zet. We drukken ons als mens immers lichamelijk uit. Bij het spreken gebruiken we onze handen, tijdens het begeleiden geven we al eens troostend schouderklopje. Hulpverlening is lichamelijk.

In een eerste stap werd in 2011 het werkveld verkend via een online-bevraging. Vanuit verschillende settings werden 121 reacties verzameld. De bevraging werd vooral ingevuld door directies en middenkader. Slechts 18% gaf aan hulpverlener of begeleider te zijn.

De resultaten zijn zeker niet statistisch representatief, maar geven wel een goed beeld van wat leeft in het werkveld. De enquête peilde via een aantal stellingen naar de relatie tussen lichamelijk handelen en de pedagogische opdracht, de eventuele verandering in de manier van omgaan met lichamelijkheid, feminisering en diversiteit.

Over de stelling “Lichamelijkheid en affectiviteit zijn een pedagogische kracht in de hulpverlening en moeten dus gekoesterd worden” bestaat een grote consensus. 90% gaat hiermee akkoord. Iemand stelde: “Het is bijzonder jammer dat we stilaan het vermogen verliezen om ons respectvol uit te drukken met lichaamstaal. Deze is nooit te vervangen door spreektaal en zeer betekenisvol.”

Zeker als het over emoties gaat, wat in hulpverlening toch vaak het geval is, schiet spreektaal te kort. In elke vorm van omgaan met mekaar speelt lichamelijkheid een rol. Niet-lichamelijk omgaan bestaat niet. Het gaat dan niet alleen over aanraking, maar bijvoorbeeld ook over de eerste indruk die men van iemand heeft. Hoe kijken we naar iemand anders? Hoe zien wij de cliënt? Hoe kijkt de cliënt naar mij?

Je onderscheidt je met je lichaam van anderen. Je lichaam drukt je identiteit uit. Dat dit ook geldt voor mensen met een beperking, komt bijvoorbeeld heel mooi tot uiting in de dansprojecten van Platform K uit Gent. Of in projecten in de jeugdhulp die vanuit fysieke inspanning op zoek gaan naar krachten van jongeren.

Jonge kinderen hebben nood aan intimiteit. Een tekort aan normale intimiteit kan zelfs beschouwd worden als een zware vorm van verwaarlozing.

Ook de tweede stelling oogst heel wat herkenning: “Onze hulpverlening is niet alleen verbaal, maar ook lichamelijk en relationeel. We merken een verandering in de manier van omgaan met de cliënten na het opduiken van misbruiksituaties in onze sectoren.” Situaties van misbruik hebben wel degelijk invloed gehad op de omgang met cliënten.

Het valt op hoe vaak het woord voorzichtig voorkomt in de antwoorden. Mensen zijn voorzichtiger geworden als het gaat over lichamelijkheid, seksualiteitsbeleving en relaties.

Dat er meer aandacht is voor grenzen en grensoverschrijding is een goede zaak. Tegelijk vindt men leren omgaan met lichamelijkheid en seksualiteit een pedagogische opdracht voor voorzieningen. We moeten cliënten leren omgaan met de vaak dubbelzinnige kijk van de samenleving op lichamelijkheid: “Als voorziening mogen we kritisch zijn tegenover het geseksualiseerde maatschappelijk lichaamsbeeld.”
Aanraking vermijden?

“Lichamelijke bejegening wordt in onze sectoren steeds problematischer. Om seksuele misbruikrelaties te voorkomen, trachten we in onze voorziening zoveel mogelijk om lichamelijke aanraking te vermijden.” Over deze stelling lopen de meningen uiteen. Slechts één op drie herkent deze uitspraak, 84% gaat er niet mee akkoord.

Aanraking vermijden, kan in bepaalde situaties zinvol zijn. Maar het kan nooit de basis zijn voor professioneel handelen. Aanraken en aangeraakt worden is belangrijk voor het psychisch welbevinden van mensen. Zeker voor baby’s en jonge kinderen, maar eigenlijk voor iedereen. Heb je al ooit de vraag gesteld of er in je voorziening mensen zijn die nooit aangeraakt worden?

Men vindt aanraking essentieel in de hulpverlening, maar toch waarschuwt een respondent: “We mogen niet naar een knuffelcultuur overhellen. We moeten aanraking een eigen plaats geven. Daarbij moet de grens van de cliënt en die van de begeleider gerespecteerd worden.”

Deelnemers aan de bevraging onderstrepen het belang van een gedeelde visie op omgangsvormen. Hierbij houdt men rekening met de rol die men als hulpverlener mag opnemen van de cliënt of de ouders. Ook maatschappelijke evoluties spelen een rol. Denken we maar aan visies op burgerschap en participatierechten. Een procedure rond omgaan met seksueel grensoverschrijdend gedrag vindt men noodzakelijk.

Die zijn vooral actief in de directe zorg en hulpverlening. Mannen nemen eerder kaderfuncties op. De stelling “Door de feminisering van onze sectoren missen we kansen voor de hulpverlening. Onze cliënten hebben zowel nood aan vrouwelijke als aan mannelijke rolmodellen” wordt door 92% van de respondenten onderschreven.

Men trekt dit echter onmiddellijk open. Niet alleen mannen en vrouwen moeten aanwezig zijn, ook allochtone rolmodellen zijn belangrijk, naast een mix van jonge en oudere begeleiders. Diversiteit is belangrijk.

Daarnaast zijn er ook verschillen in persoonlijke stijl, opleiding of werkervaring. Zoals niet alle begeleiders spontaan gepast reageren op agressie, zo is de ene al lichamelijker in de omgang dan de andere. Soms kan een mannelijke kijk nuttig zijn, bijvoorbeeld om het perspectief van de vaders binnen te brengen: “Mannen gaan anders om met cliënten: speelser, meer relativerend, ze voetballen en rollebollen met hen.”

Een voorziening zou een spiegel moeten zijn van de samenleving. Dit is voor iedereen belangrijk, maar zeker voor cliënten die weinig of geen andere contacten hebben dan met sociale professionals.

In het advies worden de verschillende perspectieven op lichamelijkheid wat kunstmatig uit mekaar gehaald. Elk perspectief wordt slechts kort ‘aangeraakt’ en zou veel verder kunnen uitgewerkt worden. Bedoeling is dat dit in de voorzieningen zelf gebeurt, op teamvergaderingen, op overlegmomenten, in ethische commissies of werkgroepen.

Lees hier het volledige advies nr 8 Lichamelijk handelen in zorg en ondersteuningsrelaties

Bronnen en meer lezen

Fons Geerts

http://sociaal.net/analyse-xl/hulpverlenen-doe-je-met-je-hele-lichaam

© De copyrights van de hier weergegeven tekst(en)/foto's rusten bij de oorspronkelijke auteur(s). Geen overname tenzij met toestemming van de oorspronkelijke auteur(s). Vermelding op deze website is enkel om educatieve en/of wetenschappelijke redenen (onderwijsdoeleinden). Deze website is niet commercieel, bevat geen reclame en heeft geen inkomsten. Onderaan de informatie vindt u telkens zoveel mogelijk de originele bronnen voorzover ons bekend. Inden er auteursrechterlijke of privacyschendingen zijn, zijn die onvrijwillig door onbekendheid/onwetendheid en niet met opzet gebeurd. Mocht u het ongepast vinden dat uw eigen informatie/foto's/portretafbeeldingen op deze website worden vermeld of is er geen correcte bronvermelding naar uw informatie, contacteer dan gerardgielen@telenet.be met opgave van de betrokken schending van copyrights en de betrokken webpagina. De info zal dan zo snel mogelijk aangepast en/of verwijderd worden. We hopen op uw begrip bij een eventuele schending. Kennis is er om te delen, niet om te bezitten!

© This site is non commercial, only educational. All information is copyrighted from the original authors. If you find information or pictures on this site that are copyright to you, or that present you or relatives on the pictures and we have used them by accident without legal permission, please contact us immediately about the violation with link to the picture or webpage where you found it and the text or pictures will be removed asap. Contact gerardgielen@telenet.be in case. Thanks for your understanding for not respecting your privacy or copyrights by accident.Sharing knownledge is more important than possessing knowledge